Gescheurd rood hartMeester vertelt in de klas: Op een morgen slofte Jessica slaperig de trap af. Iedereen had zijn ontbijt al op. Snel ging ze zitten en pakte een kommetje. Ze had net met haar ene hand het melkpak vast en met de andere de cruesli toen haar moeder achter haar langs liep...

Alice luistert: In zijn handen heeft de meester een hart van rood papier. Haha! Zou hij verliefd zijn? Oeehhh mees! Maar dan vertelt hij. Over een meisje. Er gebeuren allemaal rottige dingen en zij krijgt de schuld. Het is zo'n dag waarop ze niets goed kan doen en waarop iedereen lelijk tegen haar doet. En terwijl hij vertelt, kreukelt en scheurt hij dat rode hart. Het wordt helemaal lelijk. En dan scheurt hij het bijna doormidden!

Oh! Hij vertelt en vertelt en kijkt ons dan aan, laat het hart op de grond vallen en stampt er overheen. Gekreukt en lelijk, met modder en vuil ligt het daar... Nee! Zal ik het pakken en weer mooi maken? Kan dat nog wel?

Meester vertelt verder: 's Avonds duikt Jessica snel onder de dekens. Ze trekt het kussen over haar betraande gezicht heen. Gelukkig is deze dag afgelopen.

Een artikel over halve verhalen maken, vertellen, improviseren en verhalen met kinderen afmaken.

Een half verhaal maken

Het verhaal over het gescheurde rode hart las ik ooit in een boek. Sindsdien vertel ik het elk schooljaar. We praten erover en bedenken hoe het afloopt. Komt het goed met het hart van Jessica? Hoe dan?

Elke keer als ik het vertel maakt het meisje heel wat andere dingen mee op die ene dag. Dat komt omdat ik van dit verhaal alleen de basisstructuur onthou, niet precies de gebeurtenissen. Er is bijvoorbeeld een moeder die onredelijk boos wordt, of er zijn jongens die haar gymtas afpakken en leeggooien. Ze wordt bijna aangereden worden en dan nageschreeuwd door de uitstappende automobilist. De juf verwijt haar dat ze op school nooit haar best doet. Een jaar later zijn deze gebeurtenissen heel anders.

Als je zelf een verhaal maakt om in je les te gebruiken, is het belangrijk om voor jezelf helder te hebben waarom je dat doet en wat het doel van dat verhaal is.

Wat wil je met het verhaal overbrengen of bereiken?

Daarna maak je de structuur van het verhaal, de kapstok waar het hele verhaal aan hangt. Om een kort verhaal op te starten hoef je eigenlijk maar 2 dingen te weten:

  1. Wie zijn de Hoofdpersonen?
  2. Wat is het Probleem / Plan?

1. Wie zijn de Hoofdpersonen?

Elk verhaal heeft één of meerdere hoofdpersonen. Meestal zijn dit levende wezens: mensen of dieren. Als je zelf een verhaal maakt is het belangrijk dat je een hoofdpersoon kiest die aansluit bij de kinderen waarvoor je vertelt. Geen 'zacht, fluffig paashaasje' voor kinderen uit groep 8 bijvoorbeeld.

Als je vaker met zelfbedachte verhalen werkt in de klas, kun je de hoofdpersonen terug laten komen. Dit maakt het makkelijker voor jezelf, omdat je geen nieuwe hoofdpersonen hoeft te verzinnen. Voor de leerlingen is dit ook gemakkelijker om te onthouden, omdat het nieuwe verhaal aanhaakt bij een eerder verhaal dat ze al gehoord hebben.

2. Wat is het Probleem / Plan?

Zonder probleem of plan komt een verhaal niet op gang. Er moet iets gebeuren, iets aan de hand zijn. In mijn vorige artikel gaf ik een voorbeeld van een probleem: de ouders zijn ziek en het werk in de appelkwekerij moet wel gedaan worden. In het bovenstaande verhaal dat je met de kinderen afmaakt is het probleem dat Jessica's hart vies, vuil en gescheurd is. Komt dat nog goed? En hoe dan?

Belangrijk bij het probleem / plan is dat het belangrijk genoeg is voor de hoofdpersoon om de aandacht van de kinderen te pakken. Het moet een echt probleem zijn voor de hoofdpersoon of iets wat de hoofdpersoon heel graag wil.

Vertellen en improviseren

Als je zelf een verhaal bedenkt, is het jouw verhaal. Hoe je het precies gaat vertellen staat niet vast, maar je kunt tijdens het vertellen improviseren. Dat maakt het spannend, maar brengt ook creativiteit naar boven in jezelf. Het is daadwerkelijk een verhaal wat op dat moment ontstaat tussen jou en de kinderen.

Er zijn eigenlijk maar twee dingen die je in de gaten moet houden:

  1. Wordt het probleem opgelost of het plan gehaald? We willen weten of het nog wel goed komt met het hart van Jessica!
  2. Je vertelt het verhaal met een doel, hou dat doel ook voor ogen.

Samen met kinderen een half verhaal afmaken

Ik kies er bij dit verhaal voor om te stoppen op het moment dat Jessica het kussen over haar gezicht heen trekt. Op dat moment is het verhaal nog niet af, je zou het een 'half verhaal' kunnen noemen.

'Halve verhalen' vertellen is een sterke manier om een denkproces bij kinderen te starten. Kinderen hebben al beelden gemaakt in hun hoofd bij het stuk dat je verteld hebt en ze vragen zich met jou af: Hoe loopt dit af? Je geeft ze vrijheid en spreekt hun creativiteit en verbeelding aan op het moment dat ze zelf dit verhaal af mogen maken (pratend, tekend, spelend, stellend, etc.). Dat werkt vaak erg motiverend.

Nooit een half verhaal gemaakt? Probeer het eens uit en kijk eens wat je van de kinderen terugkrijgt!

Ebook Juffen en Meesters Onvergetelijke Verhalenvertellers

Gratis inspirerend ebook (13p.)

  • over onvergetelijke juffen en meesters
  • over onvergetelijke vertelde verhalen
  • en met een verhaal dat ook jij kunt vertellen in jouw klas

Voornaam

E-mailadres

Door het ebook aan te vragen abonneer je je ook gelijk op de gratis maandelijkse nieuwsbrief. Wil je die in de toekomst niet meer ontvangen dan kun je je eenvoudig afmelden.

Ga naar boven